← Terug naar kennisbank

AI Nieuws

Google opnieuw aangeklaagd om gebruik van boeken voor kunstmatige intelligentie

Google opnieuw aangeklaagd om gebruik van boeken voor kunstmatige intelligentie

·

Leestijd: 4 min

Een groep grote uitgevers en enkele auteurs heeft Google aangeklaagd. Ze zeggen dat Google hun beschermde boeken gebruikte om het AI-systeem Gemini te trainen, zonder daarvoor toestemming te hebben gevraagd. In de klacht staan onder meer Hachette, Cengage, Elsevier, auteur Scott Turow en de organisatie S.C.R.I.B.E.

Waar gaat de klacht over?

De kern van de aanklacht is dat Google kopieën van boeken heeft gebruikt om zijn modellen voor kunstmatige intelligentie (AI — software die leert van veel tekst en voorbeelden) te trainen.

De uitgevers stellen dat Google eerder boeken ontvouwde voor beperkte doeleinden, zoals het doorzoekbaar maken van boeken via Google Books. Dat systeem liet gebruikers korte fragmenten zien, plus de bibliografische gegevens, maar niet hele boeken.

Volgens de aanklacht heeft Google diezelfde boeken — en boeken die op de Google Play-winkel stonden — ook gebruikt om Gemini te trainen. De eisers zeggen dat Google daar geen toestemming voor had en dat het bedrijf soms copyrightgegevens verwijderde of aanpaste om te verhullen dat die materialen waren gebruikt.

Een intern Google-document wordt in de klacht aangehaald. Daarin zou hebben gestaan dat het gebruik van auteursrechtelijk beschermde boeken voor AI-training "zeer problematisch" kon zijn en mogelijk zou leiden tot tientallen tot honderden miljarden dollars aan boetes.

Hoe past dit in een breder patroon van rechtszaken?

Deze zaak tegen Google is niet de enige. Uitgevers, schrijvers en andere rechthebbenden hebben al meerdere keren rechtszaken aangespannen tegen grote technologiebedrijven die AI bouwen of gebruiken.

In Californië hebben enkele vroege uitspraken van federale rechters tot nu toe de kant van technologiebedrijven gekozen en geoordeeld dat het gebruik van auteursrechtelijk beschermd materiaal voor AI-training onder bepaalde omstandigheden als fair use (toegestaan gebruik) kan gelden. Die uitspraken geven technologiebedrijven een verdedigingsmogelijkheid, maar ze zijn niet zonder nuance.

Tegelijkertijd was er een opvallende uitkomst in een andere zaak: Anthropic, een AI-bedrijf, werd geconfronteerd met een financiële regeling van 1,5 miljard dollar omdat het auteursrechtelijk beschermde werken had gebruikt om modellen te trainen. Voor ongeveer een half miljoen schrijvers kwam daar een minimumuitkering van 3.000 dollar uit voort. Veel auteurs kozen er echter voor niet mee te doen aan die regeling, omdat ze verder wilden procederen.

De zaak tegen Google is ingediend in de federale rechtbank in het zuiden van New York (Southern District of New York). Dat is belangrijk omdat verschillende Amerikaanse rechtbanken tot nu toe verschillend oordelen over deze vraagstukken. Een uitspraak in New York kan daarom leiden tot andere uitkomsten dan de eerdere beslissingen in Californië.

Wat staat er op het spel?

De uitkomst van deze en vergelijkbare rechtszaken raakt meerdere belangen:

  • Auteurs en uitgevers: zij willen controle over en vergoeding voor het gebruik van hun werk.

  • Technologiebedrijven: zij beroepen zich op de mogelijkheid om bestaande teksten te gebruiken om betere modellen te maken.

  • Gebruikers en instellingen: hoe AI met boeken en andere teksten omgaat, bepaalt later welke kwaliteit en welke beperkingen AI-systemen hebben.

De uitgevers beweren dat Google bewust heeft gehandeld en zelfs informatie heeft aangepast om het gebruik te verbergen. Als de rechtbank oordeelt dat dat klopt, kunnen de gevolgen groot zijn voor Google en andere bedrijven die op vergelijkbare wijze data gebruiken.

Aan de andere kant tonen eerdere uitspraken aan dat rechters soms ruimere grenzen trekken voor het gebruik van materiaal voor AI-training. Die variatie tussen rechtbanken maakt het voor betrokken partijen onzeker wat de exacte regels worden.

Mogelijke gevolgen en aandachtspunten

  • Als de rechtbank in New York de uitgevers gelijk geeft, kan dat leiden tot schadevergoedingen en tot strengere beperkingen voor hoe bedrijven teksten gebruiken om AI te trainen.

  • Als rechters technologiebedrijven in het gelijk stellen, kan dat het gebruik van grote tekstverzamelingen voor modeltraining vergemakkelijken, maar mogelijk ten koste van vergoeding en controle door auteurs.

  • De discussie raakt ook aan transparantie: de aanklagers noemen het verwijderen of aanpassen van copyrightinformatie als een poging om training met gestolen materiaal te verbergen. Dat maakt duidelijk dat niet alleen de vraag of materiaal gebruikt wordt telt, maar ook hoe bedrijven daarmee omgaan.

Conclusie

De zaak tegen Google is een nieuwe episode in een serie rechtszaken over hoe techbedrijven teksten en boeken gebruiken om AI te bouwen. Uitgevers en auteurs halen aan dat hun werk zonder toestemming is gebruikt en dat Google mogelijk copyrightinformatie heeft verborgen. Eerdere uitspraken zijn wisselvallig: sommige rechtbanken wezen technologiebedrijven aan als in hun gelijk, terwijl andere procedures grote financiële afwikkelingen opleverden.

Omdat deze zaak in New York is aangespannen, kan de uitkomst afwijken van eerdere Californië-zaken en het juridische speelveld verder veranderen. De beslissing kan grote gevolgen hebben voor uitgevers, schrijvers en bedrijven die AI trainen met bestaande teksten.

Vul je e-mail in om dit artikel te lezen

Gratis, geen spam. Je kunt je altijd weer uitschrijven.

Je e-mailadres wordt uitsluitend gebruikt voor updates over de Kennisbank en belangrijke berichten van Relue.