← Terug naar kennisbank
AI Nieuws
·
Leestijd: 3 min
Veel bedrijven investeerden de afgelopen jaren flink in kunstmatige intelligentie (AI). Toch lijkt die technologie buiten de grote techspelers nog geen directe financiële meerwaarde te hebben opgeleverd, stelt de hoofdeconoom van Apollo Global Management in een recent rapport.
Wat onderzocht werd
De econoom keek naar wat hij de "S&P 493" noemt: de bedrijven uit de S&P 500, maar zonder zeven van de grootste techbedrijven. Dat zijn:
Alphabet (Google)
Amazon
Apple
Meta (Facebook)
Microsoft
Nvidia
Tesla
Deze zeven bedrijven staan bekend om hun vroege en grootschalige inzet van AI. Door ze weg te laten probeerde de econoom te zien of AI ook bij de overige grote bedrijven het verschil maakt.
Wat de cijfers laten zien
Op basis van zijn analyse waren er geen duidelijke tekenen dat AI de winst van die overige bedrijven verhoogt. Twee belangrijke maatstaven bleven volgens hem vrijwel stabiel:
Winstmarge — het percentage van de omzet dat als winst overblijft;
Omzet per werknemer — hoeveel omzet een gemiddelde werknemer oplevert.
Beide cijfers lieten geen noemenswaardige stijging zien die je zou verwachten als AI de productiviteit en winstgevendheid al flink verbeterde.
Daarnaast merkt de econoom op dat er veel geld en aandacht naar AI gaat, maar dat dat nog niet vertaald lijkt te zijn naar hogere inkomsten of hogere marges voor de meeste niet-techbedrijven.
Waarom AI nog geen financiële winst oplevert
In het rapport klinkt een aantal redenen waarom AI niet automatisch tot meer winst leidt. De belangrijkste punten zijn:
Investeringen alleen zijn niet genoeg; technologie moet ook goed worden toegepast in het werk en in de bedrijfsprocessen.
AI kan uitstekend rekenen en grote hoeveelheden data verwerken, maar zakelijke beslissingen hangen vaak af van menselijke oordeelsvorming. Dat oordeelsvermogen gaat over verantwoordelijkheid, vertrouwen en bedrijfscultuur — zaken die technologie niet vanzelf overneemt.
Er zijn factoren die moeilijk meetbaar zijn maar wel belangrijk voor omzet en winst, zoals reputatie en ethische afwegingen. Volgens de econoom begrijpt AI deze zachte kanten niet en kan het daardoor geen betrouwbare vervanger zijn voor menselijk beoordelingsvermogen.
De econoom zegt in wezen dat goedkope of toegankelijker wordende rekenkracht nog niet automatisch leidt tot betere verkoop of hogere winstmarges. Bedrijven moeten weten hoe ze AI op een verstandige manier invoegen in processen, beslissingen en klantrelaties.
Andere onderzoeken en context
Ook andere recente studies signaleren dat AI tot nu toe weinig zichtbare productiviteitswinst heeft opgeleverd in brede delen van de economie. Dat betekent niet dat AI geen waarde heeft: binnen bepaalde techbedrijven en specifieke toepassingen kan AI wel degelijk veel toevoegen. Maar op bedrijfsniveau, buiten die koplopers, is het effect op financiële prestaties nog niet overtuigend aangetoond.
Belangrijk om te weten is dat verandering tijd kost. Technologie moet worden ingebed in producten, diensten en de manier waarop mensen werken. Dat proces kan langzaam zijn en vraagt vaak wijzigingen in organisatie, training en regels over verantwoordelijkheid.
Conclusie
Volgens de analyse van de hoofdeconoom van Apollo heeft AI tot nu toe geen meetbare financiële opbrengst opgeleverd voor de meeste grote bedrijven buiten de techsector. Winstmarges en omzet per werknemer blijven nagenoeg onveranderd. De verklaring is dat AI wel veel rekencapaciteit en mogelijkheden biedt, maar niet automatisch het menselijke oordeel, vertrouwen en de bedrijfscultuur vervangt die uiteindelijk omzet en winst bepalen.
Voor bedrijven betekent dit dat investeren in AI alleen niet genoeg is; het gaat erom hoe die technologie praktisch en verantwoordelijk wordt toegepast binnen de organisatie.
